Orde der Moraalridders

Uit Academia Studentica Wiki - nl
Naar navigatie springenNaar zoeken springen

De Orde Der Moraalridders is een ‘geheime’ vereniging, in die zin dat zij geen actieve werking in acht nemen, behalve wanneer dit vereist is, zoals om de teloorgang van liederenkennis en gebruiken, of de verheerlijking van historische en/of studentikoze folklore, tegen te gaan.

Zij bestaan vooral als apocriefe of officieuze beweging, die de brug slaat naar meer gevestigde verenigingen die deze taken als vast en officieel onderdeel van hun werking kennen.


Orde der Moraalridders
Schild van de Orde der Moraalridders.
Info:
Naam: Orde der Moraalridders
Type: Geheime vereniging
Oprichting: Mei 2007.
Motto: “Marginaal maar met Stijl”
Zirkel:
Orde der Moraalridders Zirkel.PNG

Geschiedenis

Aanvankelijk onstond de Orde als grap op een galabal. Diverse Aalsterse (pro) senioren en oud-commilitones, onder de impuls van een Brussels Pro-Senior (Dieter Leemans), sloegen aan het brainstormen over een inter-studentikoze beweging, die zowel de vrijzinnige als de katholieke studentikoziteit zou verenigen, dan wel een brug te vormen die beide werelden met elkaar in contact kon brengen. Het concept was daarbij in essentie nog steeds een aprilgrap, mede dankzij de invloed van heel wat drank (waaronder, zo wil het verhaal, veel Witte Van Hoegaarden), en bedoeld om ook na enige tijd een liederlijke dood te sterven.

De nasleep was echter dermate signifcant, dat de stichtende leden (die schuilgaan achter ronkende titels en bijnamen zoals verder beschreven) het idee in nuchtere toestand in een ander licht zagen, en besloten om dit verder uit te werken. Het idee van bindmiddel werd verder uitgebreid, en bedoeld om in beide werelden een stuwende kracht te vormen achter de schermen voor de bedoelde taken:

  • Het eigen maken van de liederenkennis per 5 jaar, in die zin dat zowel oudere liederen als nieuwere composities correct aan worden geleerd;
  • Het bijdragen aan het onderhouden en de overdracht van deze liederen aan de volgende generaties;
  • Op studentikoze activiteiten vooral op passieve maar presente wijze de tradities, geplogendheden en de hieraan verbonden folklore te vrijwaren voor de volgende generaties;
  • Indien de situatie dit vereist, een actieve werking voor 1 tot 2 jaar te voorzien om deze taken openlijk te verwezenlijken door op (voor de strekking) traditionele wijze een studentikoos jaar met activiteiten en werking bij te vallen;
  • Verder aangetrokken leden aan te moedigen dit zelf binnen hun werking en strekking door te geven, al dan niet met de gevestigde verenigingen in dit opzicht.

Toch wil de Orde zich niet profileren als al te serieuze vereniging, wat blijkt uit onder meer het clublied en diverse gebruiken die eigen zijn aan leden van de Orde, maar wortelen in beide strekkingen.

De Orde werd per mei 2007 in het leven geroepen, met Couleur, symboliek en attributen, die zowel hun voeling hebben aan katholieke als vrijzinnige wijze. Dit werd wel doelbewust beperkt tot Vlaanderen, met de intentie om dit op termijn met een Waalse evenknie uit te breiden. Daarbij werden de vier stichtende leden, schuilgaand achter de ietwat schertsende titels OpperPraeses (OP) Koifken, OnderOpperPraeses (OOP) Viking, Vice-OnderOpperPraeses (VOOP) Peter De Kuise en OnderViceOnderOpperPraeses (OVOOP) Queer, bedacht met een tijdloze rol, om al dan niet individueel de Orde bijeen te roepen of van geheim (tijdelijk) in het daglicht te brengen. Immers zijn de vier stichtende leden elk vertegenwoordiger voor een provincie of streek, als 1 of beide strekkingen.

Dat ze niettemin niet de intentie hebben een openlijke vereniging te worden of te zijn, blijkt uit de zelfspot die de Orde er voor zichzelf op na houdt, zoals met de leuze “Marginaal maar met Stijl”, het club- en schachtenlied, of uit de werking van de vereniging wanneer ze zichzelf actief profileert.

Werking

De Orde Der Moraalridders is alomtegenwoordig, soms openlijk zichtbaar, meestal zonder Couleur (op de 4 stichters na), en soms de idealen uitdragend zonder daarom een openlijk gekend lid te zijn. De leden die wel gekend zijn, worden in zulke gevallen uitgenodigd zich daadwerkelijk lid te maken en het hele discours, van schacht tot commilito, te doorlopen volgens hun strekking.

Daarnaast voorziet de Orde ook de mogelijkheid leden buiten hun strekking om aansluiting te krijgen bij de andere strekking, meestal via de regionale werking, of op voordracht van een oud-lid binnen deze strekking. Hun taak bestaat eruit niet alleen succesvol het hele parcours af te leggen, maar anderen ook bij te staan tijdens hun schachtenjaar bij deze of gene kring.

De Orde streeft er naar om alle strekkingen te bereiken en te benaderen, en wanneer ze een actief jaar instellen, is hier geen restrictie op; noch op ideologische basis, noch op (a)politieke basis, noch op algemeen studentikoze basis. In dat opzicht heeft de Orde nooit de rangen willen sluiten voor politiek-getinte verenigingen als bijvoorbeeld NSV.

De focus wordt immers gelegd op studentikoziteit, folklore en de algemene beleving ervan.

Kleuren

Blue-Green-White-Grey.png

De Orde heeft een zeer breed perspectief en voert daarom 4 kleuren: Blauw-Groen-Wit-Grijs.

  • Blauw wordt gezien als een positieve kleur en sommige zaken moeten nu eenmaal ‘blauw-blauw’ moeten beschouwd worden: de essentie telt, niet de kaders er rond.
  • Groen verwijst ernaar dat eenieder in welke studentikoze strekking ook, altijd als een groentje (schacht) begint, en streeft naar ontgroening en volwaardig lid (commillito) van de vereniging te worden.
  • Wit omdat dit alle kleuren verenigt (meng alle kleuren samen en je hebt wit).
  • Grijs verwijst naar het feit dat niets in de studentikoziteit als zwart-wit mag worden beschouwd.

Latere hypotheses stellen dat het blauw en het groen oorspronkelijk donkerder waren, en verwezen naar de voornaamste kleuren van de katholieke codices (Blauw voor Oost- en West-Vlaanderen, Groen voor de rest van Vlaanderen). Dat is door vooral de OOP, die ook nu nog het gebeuren op de voet volgt aan beide kanten van het studentikoze verhaal, steeds tegengesproken, daar de kleur zwart (de Brusselse en meeste Waalse codices) immers niet in de kleuren op zijn genomen, en dat dit anders wel het geval zou zijn.

In eenzelfde opzicht is het wapenschild, net als de kleuren van de Orde, een weerspiegeling van de algemene studentikoze filosofie.

Links bovenaan bevindt zich de traditionele Vlaamse Leeuw, als symbool voor de (voornamelijk) Vlaamse werking van de Orde (de Waalse tak zou immers een Waalse Haan krijgen); daar onder, op een rood vlak (kleur van passie), bevinden zich diverse symbolen:

  • Een kurkentrekker, verticaal = symbool van de liefde voor het leven en de geneugten van het drinken, al dan niet geestrijk dan wel dorstlessend;
  • Een stokpaard, schuin = symbool van de speelsheid van elke student, alsook dat de Orde er zich een stokpaard van maakt de dravers te zijn voor de studentikoze beleving en de koeriers ervan;
  • Een zwaard, schuin, gekruist met het stokpaard = heraldische symboliek dat men voor de folklore soms pal heeft te staan, als trok men ten strijde, als de aanmoediging om de oudere kunsten van het schermen te eren;
  • 2 spelballen, of ‘boules’ = symbool dat studentikoziteit geen leeftijd kent en zelfs op onze oude dag actueel blijft voortbestaan en hier te allen tijde voor naar buiten mag worden gekomen, hetzij actief, hetzij nostalgisch.

De leuze van de orde, "Marginaal Maar Met Stijl" werd gekozen omdat Studentikoziteit soms als ‘marginaal’ bestempeld wordt omwille van de soms excessieve beleving ervan. Doch is het altijd op een zelfde stijlvolle en rijke traditie gestoeld, onder welke vorm ze ook moge uitgedrukt worden.

Rechts een enkel vlak met de kleuren geschuind, met daarop in goud de Zirkel van de vereniging.

Couleur

De 4 stichters, aangeduid als “Ouw’ Flosjen” dragen elk een Praeseslint in de vier kleuren, met het volledige wapenschild en de in zwart geborduurde initialen van hun rang (OP, OOP, VOOP, OVOOP). Daar zij als ‘tijdloos’ worden beschouwd, worden er geen jaartallen gedragen.

Wanneer een jaar samenvalt met een actieve werking, verkrijgt de dan voorzittende Moraalridder een praeseslint, zonder jaartal of vermelding, in de stijl van een doorgeeflint, als erkenning, en indien dit niet 1 der Ouw’ Flosjen is. Er wordt pas een jaartal toegevoegd aan het einde van de actieve periode, die immers niet aan een academiejaar is gebonden, en dus enkel de actieve kalenderjaren weergeeft.

Er worden geen bestuurslinten gedragen, buiten een clublint met 1, 2 of 3 van de clubkleuren (zie verder).

Elk lid heeft het recht diens traditionele hoofddeksel te blijven dragen; als erkenning van lidmaatschap verworven per actief jaar, krijgen zij wel een pin van de Orde toegekend.

Er wordt toegestaan zich in diverse couleur-gebruiken te verdiepen, zoals de Zipfel, of zelfs het leren dragen en gebruiken van de degen of Schläger, of de wapenstok, als onderdeel van het uniform, maar in lijn met de geldende regels en voorschriften rond het dragen hiervan.

De OOP, die meerdere zulke jaren heeft vertegenwoordigd tussen 2007 en 2015, heeft een persoonlijke commando-degen, als aandenken voor zijn verdienste.

Wanneer een jaar actief wordt opgetreden, worden de leden die worden aangetrokken beloond met een Clublint. De combinatie geeft aan hoeveel vorige actieve jaren er al zijn geweest. Zo waren linten eerst telkens uitgevoerd in slechts 1 van de 4 kleuren. Nadien volgden de tweekleurige combinaties, en – bij de huidige stand van 2021- de eerste 3 driekleurige combinaties. Eenmaal alle combinaties aan de beurt zouden zijn geweest, wordt er terug van voor af aan begonnen, met de toevoeging van een romeins getal in goud geborduurd op het lint om de herhaling chronologisch in acht te kunnen houden.

Om het geheime karakter van de Orde te onderstrepen, treden enkel de Ouw’ Flosjen, en, op termijn, de pro-senioren van de actieve jaren, op de voorgrond door het dragen van het praeseslint.

Het clublint blijft weliswaar vrij te dragen, ook wanneer de actieve werking niet meer van toepassing is, volgens het recht van de bezit(s)ter.

Het wapenschild als pin vormt in alle geval de enige ononderbroken bevestiging van lidmaatschap en vertegenwoordiging.

Een ander, minder opvallend gebruik, is het ‘edel’ gebruik van de pink bij het nuttigen van voedsel of drank.

De leden worden niet verboden de Orde openlijk te vertegenwoordigen, maar worden aangemoedigd dit steevast volgens de tradities en gebruiken van hun strekking in die gevallen in acht te nemen.

Lied

Officieel clublied

Het Lied der Moraalridders is bedoeld om indruk en lachbuien tegelijkertijd op te wekken. Daarom dienen de Ridders dit lied te herhalen tot we zelf niet meer lachen met onze eigen grappen. Voor aanvang: 4 glazen per persoon voorzien!

Melodie: Chevaliers de la table ronde (Versie van Katastroof)
Tekst: De Ouw’ Flosjen.


  1. De Ridders van de Goei Moraal zijn Hier
    Ziet eens hier, wij dorsten naar het bier
    Zuipen mag en dan liefst wel met stijl
    Pink omhoog, en literkens kwijl

    Refrein:

    Ridders ja, dat zijn wij )Bis
    De Ridders, van de goeie moraal
    Ridders ja, dat zijn wij )Bis
    De Ridders, van de goeie moraal

  2. De Codex, dat is onzen bijbel hier
    Geeft ons zang en met veel plezier
    ons meiskes, ’s lands grootste sletten (Drinken ad fundum: de meisjes)
    ’n Decolleté, vol dikke t...(Drinken ad fundum: de jongens)

  3. Filosofie, da’s bij ons vetzakkerij
    Of met friet, of goei zwijnerij (Alle ridders 2 slokken)
    Nooit geen slaap, alles moet hier vliegen
    Feesten top, nooit in slaap te wiegen

  4. Cantussen moet je ons echt niet leren
    Meesters zijn wij, wat z’ook beweren
    Goesting troef, met een keer geen genoeg
    Zoeken gauw naar d’ eerste bruine kroeg

  5. Gisteren weer eens straalbezopen
    Maar nog lang niet genoeg gezopen
    Dus vandaag, laat de tapkraan open
    Om alles int keelke te doen lopen

    MARGINAAL! MAAR MET STIJL! )Bis
    WIJ ZIJN RIDDERS VAN DE GOEI MORAAL!

    Lied af, Pint uit, Kots in!

Schachtenlied

Oorspronkelijk was het de bedoeling dat elk actief jaar een eigen strofe aan moest brengen en het lied almaar langer werd. In plaats daarvan werd de satirische noot van het clublied hier verder in acht genomen.

Melodie: Bakske vol met stro van Urbanus
Tekst: OOP

Nog niet zo lang geleden voor de allereerste keer,
Ge had het moeten zien, ’t was verschrikkelijk goe weer!
Een stel beschonken ridders op een of ander galabal,
Col, cravatte, wat lintjes en een witte da was al,
Ze dronken daar te samen menig stuk in hunne kraag,
Want een dronken roes, die bekomen ze maar traag,
Schreven een soort statuten, maar mens da was ’n klucht
Neen, de inspiratie, zat toen niet in de lucht!

Moraalridders geboren, halleluja, met vier,
Moraalridders geboren in ’n vaatje vol met bier!

Het kindje werd geboren tussen een woud van lege glazen
Begon die daar te lachen toen ze de statuten es voorlazen
De ban die was gebroken, de rek die was er uit
gegierd en gelachen unaniem akkoord was hun besluit
De 25 regels zijn voor hen nu voldongen feit
Ze trokken hun slappe zwaarden en dronken op de strijd
Van de cravatte is allang niks meer te bespeuren
Wel een nieuw lintje met vier frisser soorten kleuren!

Moraalridders geboren, halleluja, met vier,
Moraalridders geboren in ’n vaatje vol met bier!

Na lange tijd van werken met gezwoeg en heel veel gezweet
Stond de nieuwe orde, paraat, klaar en ook gereed
De knechten zijn geronseld, hun doop die komt wel dra
Met een hoop mannen ook nog wat vrouwen erbij voilà!
Onzen OP kon niet volgen en beginnen zuipen
Den OOP kwam vanonder bergen papier kruipen
Maar de Hoge Raad trok hen beiden weer op de been
Want zoals wij Riddertjes, ja dat is er echt geeneen!

Moraalridders geboren, halleluja, met vier,
Moraalridders geboren in ’n vaatje vol met bier!

Het eerste jaar was gedaan, dus nu weer herbegonnen
Niet meer al te fris maar nog redelijk onbezonnen
De start is vandaag met de Libra Natalis
Een ode aan gerstenat, zeker gene kattepis
Maar het werd een zuiporgie, een ware bachanaal
Geen enkele die nog nuchter was met ogen als van staal
Den OP had begrepen toen hij zijn knapen daar zag kruipen
“wie mij hier volge wilt zal wreed hard moeten zuipen!”