Taalminnend Studentengenootschap 't Zal Wel Gaan

Uit Academia Studentica Wiki - nl
Naar navigatie springenNaar zoeken springen


Taalminnend Studentengenootschap 't Zal Wel Gaan
Logo 't Zal Wel Gaan
Info:
Naam: Taalminnend Studentengenootschap 't Zal Wel Gaan
Afkorting: TSG 't Zal
Type: Filosofische vereniging
Oprichting: 21 februari 1852
Oprichter(s): o.a. Julius Vuylsteke
Kleuren:
Geuzenkleuren oranje-blanje-bleu
Motto: “Klauwaard en Geus”
“niemands knecht, niemands meester!”
“nie geluve!”
"Geen God, geen meester"
Publicatie: Jaarboeksken
(Gentse) Studenten-almanak
De 't Zal Wel Ganer
't Zal Wel Gaan
Kaai-art/Kaajart
't Zallerke
't Zwarte gat
't Zchrift
't Zal Wel Bollen
Noord en Zuid
Locatie: Gent, België
Verbinding: Politiek en Filosofisch Konvent (PFK)
Facebook: https://www.fb.com/tzalwelgaan
Website: https://tzalwelgaan.be/
E-mail: tzalwelgaan@gmail.com
Instagram: https://www.instagram.com/tzalwelgaan
Adres: Twaalfkameren 37, 9000 Gent
Leden: Gemengd

Geschiedenis

Het Taalminnend Studenten Genootschap ‘t Zal Wel Gaan werd in 1852 opgericht te Gent onder de leuze “Klauwaard en Geus”. haar leden, " ‘t Zallers " genoemd, zijn de vrijdenkers van de Universiteit Gent (UGent). Ze staan vooral bekend om hun tegendraadsheid, hun kritische geest en ja, hun historische strijd tegen de zogeheten tsjeven.

Aangezien ‘t Zal de oudste nog bestaande studentenvereniging is van Vlaanderen, is er een rijke geschiedenis en zijn er talloze tradities die zich – soms in eigentijdse vorm – nog steeds manifesteren. Ze put hiervoor uit de vrijzinnige, orangistische, liberale, taalminnende, humanistische, progressieve, feministische, antifascistische en anarchistische idealen die haar leden sinds 1852 in wisselende golven hebben uitgedragen.

Vandaag verenigt ’t Zal studenten die over de hokjes van religie en politieke ideologie willen kijken. Elke dinsdagavond komen zij samen voor lezingen en debatten bij kaarslicht onder de leuze “niemands knecht, niemands meester!” of ook wel “nie geluve!”. Vaak nodigen ze een spreker uit die een bepaald gespreksthema inleidt, waarna het grootste deel van de avond voor discussie gereserveerd is.

’t Zal is lid van het Politiek en Filosofisch Konvent (PFK), dat de politieke, filosofische en levensbeschouwelijke verenigingen aan de UGent groepeert.

1852 – 1902: GEBOORTE VAN KLAUWAARD EN GEUS

De oorsprong van ‘t Zal Wel Gaan ligt bij drie leerlingen van het Gentse atheneum aan de Ottogracht. In 1852 richtten zij onder invloed van hun leraar Heremans, later de eerste hoogleraar Nederlandse letterkunde aan de Gentse Rijksuniversiteit, een Vlaamse en vrijzinnige kring op. Stichtend lid Julius Vuylsteke transporteerde dit initiatief vervolgens naar de universiteit, waar in het academiejaar 1853-1854 het Taalminnend Studentengenootschap ‘t Zal Wel Gaan ter wereld kwam.

Het jonge ’t Zal wijdde zich in haar beginjaren hoofdzakelijk aan het ondersteunen van de ontluikende Vlaamse beweging en het vrijzinnig verzet tegen de macht van de katholieke kerk. Het motto van ’t Zal, ‘Klauwaard en Geus’, drukte deze tweeledige bekommernis uit. ’t Zal mengde zich onder meer in de verdediging van een aantal professoren aan de Gentse universiteit toen deze in conflict kwamen met de kerk, vanwege de inhoud van hun vakken, en petitioneerde de universiteit voor het inrichten van Nederlandse vakken. In 1858 ontstond er daarnaast heel wat opschudding toen de jonge tzaller Adolf Dufranne, die samen met Emiel Moyson aan de wieg van de Gentse vakbondbondsbeweging stond, als eerste in België burgerlijk begraven werd. De dubbele strijd voor Klauwaard en Geus zal gedurende de geschiedenis van ‘t Zal een belangrijke rol blijven spelen, hoewel elke generatie zich op een andere manier tegenover de Vlaamse beweging en de vrijzinnigheid zou verhouden.

Al meteen kropen de leden van ’t Zal Wel Gaan ook in hun pen. Zij publiceerden in 1854 de eerste van een lange reeks literaire almanakken, met daarin essays, kortverhalen en gedichten van zowel serieuze als ludieke aard. In 1857 werd door de kerk een ban afgeroepen over deze almanakken, een vonnis dat door ’t Zal algauw werd verwerkt in allerhande teksten, liedjes en rituelen.

Vanaf 1870 werden de tijden steeds woeliger: de Frans-Duitse oorlog, de commune van Parijs, de schoolstrijd, en de teloorgang van de Eerste Internationale zorgden ook aan de universiteit voor een verdieping van de politieke tegenstellingen. Ondertussen namen echter ook de studentenaantallen toe, en het ledenbestand van ’t Zal, hoofdzakelijk afkomstig uit de liberale burgerij, kende een gestage groei. Vooral de periode rond 1885 was van bijzonder belang voor de vereniging, toen zij zich actief mengde in de maatschappelijke strijd. ’t Zal maakte deel uit van de voorhoede die pleitte voor Nederlandstalig hoger onderwijs, en vocht mee voor de invoering van het algemeen enkelvoudig stemrecht.

In 1885 werd ook de Bond der Oud-Leden (BOL) van ’t Zal Wel Gaan opgericht. Deze BOL moest renteloze studieleningen uitschrijven aan armlastige studenten, maar had als voornaamste opdracht toch de ondersteuning en continuïteit van het studentengenootschap.

1902 – 1952: OORLOG EN ROERIGE VREDE

In 1904 leidde de strijd voor Nederlandstalig hoger onderwijs tot een schisma binnen ‘t Zal. Aangezien in het parlement enkel de christendemocraten, bij monde van priester Fonteyne, een vernederlandsing van het hoger onderwijs genegen waren, stelden een aantal ’t Zallers voor om deze Vlaamsgezinden te steunen. De motie haalde het niet, wat tot het vertrek leidde van een aantal leden die vervolgens ‘Ter Waarheid’ oprichtten.

Verschillende van deze dissidente ex-’t Zallers speelden later een rol in het activisme van de Eerste Wereldoorlog, een oorlog die diepe wonder sloeg onder de vrijdenkers. Veel leden en oud-leden stierven aan het front, en de vereniging werd verscheurd door debatten over het activisme en de frontpartij. Zo was er een hoogoplopende ruzie tussen de studentenvereniging en haar Bond der Oud Leden, toen de BOL weigerde om ’t Zallers die lid waren geweest van de frontpartij op te nemen in haar rangen. Doorheen het interbellum zouden deze debatten echter naar de achtergrond verschuiven. Ten dele omdat de strijd voor de vernederlandsing van de Gentse Rijksuniversiteit eindelijk werd beslecht (in 1923 halfslachtig, in 1930 volledig), maar ook omdat de Vlaamse beweging in toenemende mate besmet werd door het opkomend fascisme. ’t Zal evolueerde naar een politiek heterogene vereniging die verschillende progressieve strekkingen bij elkaar bracht, gaande van liberalen tot socialisten en communisten.

Tijdens de jaren dertig werd ’t Zal dan ook een uitgesproken antifascistisch bastion. Verschillende leden vertrokken naar Spanje om aan de kant van de republikeinen te vechten in de burgeroorlog; twee ’t Zallers werden vermoord door de Franquistische milities. Wanneer de vereniging tijdens de Tweede Wereldoorlog vervolgens werd verboden door de Duitse bezetter, gingen verschillende leden en oud-leden in het actief verzet. Een aantal van hen werd doodgemarteld, geëxecuteerd of naar de kampen gestuurd.

1952 – 2002: VERANDERING EN PROTEST

In de jaren na de wereldoorlogen vormden antifascisme en vrijzinnigheid het bindmiddel tussen de verschillende politieke strekkingen die ’t Zal intern verdeelden. Tekenend voor deze diversiteit was dat ’t Zal in deze periode zowel lid werd van de International Union of Students als van de World Union of Students. Deze eerste entte zich op het communisme, terwijl de World Union net sterk Amerikaans georiënteerd was. De maatschappelijke energie van de vereniging ging in deze periode hoofdzakelijk naar de schoolstrijd, die zij mee voerde in woord en ook daad, door mee te manifesteren en af toe op de vuist te gaan met leden van het Katholiek Vlaams Hoogstudenten Verbond.

Tijdens de jaren ’60 werd ’t Zal bevangen door de antiautoritaire tijdsgeest, en trad er een sterk anarchistische periode aan. De leden, toen hoofdzakelijk kunstenaars en hogeschoolstudenten, voegden aan ‘Klauwaard en Geus’ het motto ‘Geen God Geen Meester’ toe, en er ontstond binnen ’t Zal een vleugel van de provobeweging. Deze generatie ageerde tegen de consumptiemaatschappij en voor seksuele ontvoogding, en was bezeten door de politiek-filosofische Drievuldigheid van haar tijd: de revolutie in Cuba, de oorlog in Vietnam en het existentialisme. Het bestuur werd afgeschaft, en de macht kwam volledig te liggen bij de algemene ledenvergadering.

Provo werd in 1967 ontbonden, teleurgesteld door de autoritaire tendensen van de communistische student-kameraden en het consumptiekapitalisme van de arbeiders. Ook binnen ’t Zal ontwaakten deze schisma’s: een groot aantal leden was het niet meer eens met de apolitieke stellingname van ’t Zal. Zij verlieten de vereniging en sloten zich aan bij trotskistische en maoïstische studentenbewegingen. Deze uittocht werd gecompenseerd door de aanwas van een nieuwe generatie, die zich net wel kon vinden in het apolitieke elan van ’t Zal.

Op 11 januari 1967 wordt het traditioneel verkozen bestuur afgeschaft en wordt alle macht overgedragen aan de ledenvergadering. Functies blijven bestaan maar er is geen macht aan verbonden. De hierna vermelde personen hebben de functie uitgeoefend van: voorzitter van de ledenvergadering en/of vertegenwoordiger in het PFK en/of verantwoordelijke uitgever van het tijdschrift. Dit is eigenlijk niets nieuws want reeds van bij de oprichting bestond er "een zachte anarchistische onderstroom waarbij – in een collegiaal comité - iedereen om beurt vergaderingsvoorzitter was" (Prof. Dr. H. Balthazar, "Uit het verleden van de R.U.G. nr. 3 – Het TSG ’T Zal Wel Gaan (1852-1977)", Gent Archief R.U.G, 1977).

In de tweede helft van de jaren ’70 nam de belangstelling echter af, tot er eind jaren ’70 nog maar een handvol ‘t Zallers overbleven. De ondersteunende rol van de Bond der Oud Leden werd in deze periode voor het eerst existentieel: om de vereniging te redden begon ze dan zelf maar leden te ronselen. Deze interventie had succes, en ‘t Zal kende aan het begin van de jaren ’80 een nieuwe hoogtepunt. In 1981 verscheen voor de eerste keer in jaren weer een almanak, en onder impuls van Tom Lanoye richtten de studenten een literair tijdschrift op, ‘t Zwarte Gat. ’t Zal en BOL reikten in 1979 ook de eerste Geuzenprijs uit. Deze prijs was (en is) bedoeld als “een hommage aan signalen van het creatief vermogen van de vrije, kritische geest en als bijdrage tot de uitstraling van een volwassen, ongecompliceerde vrijzinnigheid”. Laureaten werden gekozen “onder hen die, zonder daarom een onberispelijk boegbeeld te moeten zijn, de mond niet willen houden of de pen niet willen breken tegenover alles wat een vrij, open meerdimensionaal leefklimaat in Vlaanderen tegenwerkt of bedreigt”. Deze prijs wordt nog steeds op onregelmatig termijn uitgereikt.

Enkele jaren later doofde deze energie echter weer uit. Vanaf de jaren negentig kwam ‘t Zal terug in een dal terecht, met weinig leden en weinig activiteit. Pas na de millenniumwisseling wist het studentengenootschap zich te herpakken.

‘T ZAL NA 2002

Een aantal jaar na de millenniumwisseling begon ’t Zal weer recht te krabbelen. Opnieuw was het de BOL die er in slaagde om een kleine kring van studenten te enthousiasmeren, een waakvlam die zich vervolgens langzaam verspreidde. Met een mooie cirkelbeweging naar de orangistische wortels van de vereniging, werd deze doorstart geleid door een voorzitster die net als een belangrijk deel van het toenmalige ledenbestand afkomstig was uit Nederland.

Terwijl de rangen aanzwollen, onderging ‘t Zal opnieuw een gedaantewisseling. Misschien vanwege de dominante aanwezigheid van studenten wijsbegeerte, lag de nadruk hoofdzakelijk op ‘nie geluve!’ eerder dan ‘Klauwaard en Geus’. ‘t Zal profileerde zich in de eerste plaats als een vrijdenkerscollectief, als een vrijplaats voor open discussies over politiek, filosofie en al wat er nog restte aan maatschappelijke taboes. In hun nieuwe hoofdkwartier aan de Huidevetterskaai, onder het dak van het bevriende Van Crombrugghe’s Genootschap, werd een wekelijkse agenda vol lezingen, debat en retorisch vuurwerk opgetuigd. Al naargelang de smaak van wie er op dat moment de vereniging bevolkte werd deze aangevuld met ‘filosofische cafés’ dan wel poëzieavonden. Echo’s van het provo-tijdperk weerklonken in het onderzoek naar seksualiteit en taboes (met discussies over polyamorie, BDSM, porno, pedofilie, et cetera), en de algehele nadruk op ‘vrij’ spreken, denken, handelen, liefhebben… De politiek-filosofische samenstelling van het ledenbestand was (en bleef) zeer bont: de website meldde trots dat ’t Zal gefrequenteerd werd door alles van ‘communistische individualisten’ tot ‘porno-verzamelende feministen’ en ‘islamofobe libertairen’.

Buiten haar lokaal was deze viering van kritisch pluralisme zichtbaar in de organisatie van twee Antagonistisch Festivals (in 2014 en 2017-18) en de uitreiking van twee Geuzenprijzen: eerst aan Etienne Vermeersch en Erwin Mortier in 2010, vervolgens aan Dyab Abou Jahjah in 2014 – een keuze die ook binnen de vereniging voor controverse zorgde. Verder was ’t Zal echter relatief onzichtbaar in het publieke debat. Oude politieke breuken staken ogenschijnlijk weer de kop op, maar deze hadden nog maar weinig van doen met de strijd van weleer: een van de belangrijkste interne conflicten betrof het al-dan-niet toelaten van de Nationalistische Studentenvereniging (NSV) tot het Politiek Filosofisch Konvent van de UGent, maar ditmaal draaiden de discussies rond vrijheid van meningsuiting, en het al dan niet ‘tolereren van de intoleranten’. Debatten over de frontpartij en het Flamingant activisme waren nergens te bespeuren.

De wederopstanding van het studentengenootschap, dat in 2012 haar 160e verjaardag vierde, ging ook gepaard met een heropleving van verloren (of vermolmde) tradities, en een opstoot aan talige productie. ’t Zal zong weer uit volle borst mee op de ‘tonzittingen’ (een combinatie van speeches, liedjes en theaterstukjes), beviel in 2012 eindelijk van een nieuwe almanak, organiseerde essaywedstrijden, en publiceerde met enige regelmaat boekjes (zoals De Bergerak), tijdschriften (zoals ‘t Zchrift en de Springstier), en liedjes of ‘bans’. Daarnaast zorgde de instroom van nieuwe leden na een aantal jaar dat ook de BOL weer opleefde. Haar demografisch postuur, tot voor kort een omgekeerde piramide, heeft vandaag de vorm van een zandloper.

Meer recent keert ’t Zal opnieuw sterker de blik naar buiten. De pluralistische traditie werd verder gezet door samen te werken met een breed scala verenigingen, van de Jongsocialisten tot LVSV en Auw La, maar er waaide ook een nieuwe, meer politieke wind. De jongste garde heeft zich geworpen op de strijd tegen reactionair rechts aan de universiteit en daarbuiten, oude vijanden die vandaag in pak en das weer aan kracht winnen, en ze haalde de banden aan met vrijzinnige bondgenoten als Vrij Onderzoek, Hujo en het Vermeylenfonds. Vertegenwoordigers van de BOL zetelen sinds kort ook weer in de Mens.nu.

Misschien wel gedijend bij tegenwind, kan ’t Zal allengs vol zelfvertrouwen een lied zingen dat gepend werd in magerder tijden, bij de vertwijfelde viering van 150 jaar ’t Zal Wel Gaan in 2002: ‘Ook al zijn wij in den ban/maar wel stier of koe of kalfje/ tussen ons flitst de vlam/ ‘t Kan alléén maar in ’t Zal/ Over…nog eens 50 jaar!’

Lied

Melodie: Oranje Boven

  1. A bas la calotte, à bas la calotte,
    A bas les calotins!
    A bas la calotte, à bas la calotte,
    A bas les calotins!
    Ils en auront, des coups de poing sur la gueule,
    Ils en auront, autant qu'ils en voudront;
    Avec, avec plaisir
    Dans les roses
    Et dans les bégonias,
    C'est la même chose.
    Oui, nous allons chasser, ohé
    Oui, nous allons chasser, ohé
    Oui, nous allons chasser la calotte.
    Et la calotte au poteau!

Lijst van voorzitters

Op 11 januari 1967 wordt het traditioneel verkozen bestuur afgeschaft en wordt alle macht overgedragen aan de ledenvergadering. Functies blijven bestaan maar er is geen macht aan verbonden. De hierna vermelde personen hebben de functie uitgeoefend van: voorzitter van de ledenvergadering en/of vertegenwoordiger in het PFK en/of verantwoordelijke uitgever van het tijdschrift.

Dit is eigenlijk niets nieuws want reeds van bij de oprichting bestond er "een zachte anarchistische onderstroom waarbij – in een collegiaal comité - iedereen om beurt vergaderingsvoorzitter was" (Prof. Dr. H. Balthazar, "Uit het verleden van de R.U.G. nr. 3 – Het TSG ’T Zal Wel Gaan (1852-1977)", Gent Archief R.U.G, 1977).

Jaar Voorzitter
1854 - 1855 COGEN Eugeen
VUYLSTEKE Julius
TEIRLINCK Aug.
1855 - 1856 Eugeen Cogen
VUYLSTEKE Julius
DE VOS Ad.
1856 - 1857 COGEN Eugeen
DESCAMS K.
VUYLSTEKE Julius
1857 - 1858 ?
1858 - 1859 ?
1859 - 1860 ?
1860 - 1861 CORNELIS Piet
1861 - 1862 BLOMMAERT Paul
VAN MAELE Alfons
GONDRY August
1862 - 1863 VAN WETTER Polinyce
1864 - 1865 DE VIGNE Julius
DE MEYERE Karel
GONDRY Hendrik
1865 - 1866 DE VIGNE Julius
DE MEYERE Karel
GONDRY Hendrik
1866 - 1867 DE VIGNE Julius
SABBE Julius
MOREL Julius
1867 - 1868 DE VIGNE Julius
BOUTEN Hendrik
PRAYON Alfons
1868 - 1869 PRAYON Alfons
HOSTE Ad.
KAIZERGRÜBER G.
1869 - 1870 PRAYON Alfons
1870 - 1871 PRAYON Alfons
1871 - 1872 PRAYON Alfons
1872 - 1873 BEAUFORT Jan
1873 - 1874 BEAUFORT Jan
1874 - 1875 ?
1875 - 1876 VAN DOOSSELAERE L.
VAN BOGAERT C.
VAN REYBROECK E.
1877 - 1878 VAN DOOSSELAERE L.
1878 - 1879 RETSIN Frans
1879 - 1880 RETSIN Frans
1880 - 1881 RETSIN Frans
1881 - 1882 RETSIN Frans
1882 - 1883 RETSIN Frans
1883 - 1884 RETSIN Frans
1884 - 1885 DE BRUYNE Camiel
1885 - 1886 DUMON Emiel
1886 - 1887 LOVELING Hendrik
1887 - 1888 MULDER Jan-Joris
1888 - 1889 MERTENS Hendrik
1889 - 1890 DEUNINCK Alfons
1890 - 1891 BASSE Maurits
1891 - 1892 DE CAVEL Oscar
1892 - 1893 DE CAVEL Oscar
1893 - 1894 TACK P.
1894 - 1895 SABBE Maurits
1895 - 1896 RUDELSHEIM M.
1896 - 1897 SABBE Herman
1897 - 1898 FRIS Victor
1898 - 1899 DUMON Oscar
1899 - 1900 DUMON Oscar
1900 - 1901 TEMMERMAN Paul
1901 - 1902 DE DECKER J.
1902 - 1903 VAN ROY J.
1903 - 1904 FAURE W.
1904 - 1905 FAURE W.
VERCOUILLIE J.
1905 - 1906 VERCOUILLIE J.
1906 - 1907 DE SMET A.
VAN DUYSE M.
1907 - 1908 VERCOULLIE J.
1908 - 1909 MARTENS Emiel
1909 - 1910 MARTENS Adr.
1910 - 1911 MARTENS Ad.
1911 - 1912 MARTENS Ad.
1912 - 1913 DE MAN R.
1913 - 1914 DE BRAEY Jan
1914 - 1915 DE BRAEY Jan
1915 - 1916 DE BRAEY Jan
1916 - 1917 DE BRAEY Jan
1917 - 1918 DE BRAEY Jan
1918 - 1919 DE BRAEY Jan
1919 - 1920 DE BRUYNE F.
1920 - 1921 DE BRUYNE F.
1921 - 1922 ?
1922 - 1923 ?
1923 - 1924 ?
1924 - 1925 STICHELMANS G.
1925 - 1926 STICHELMANS G.
1926 - 1927 VAN DEN BOGAERT E (?)
1927 - 1928 ?
1928 - 1929 VAN WALLE Karel
1929 - 1930 VAN CANT Leo
1930 - 1931 LAMBRECHTS Piet
WYNANTS Paul
1931 - 1932 DEBROCK Walter
1932 - 1933 VAN GANSE Renaat
1933 - 1934 MICHIELSEN Leo
1934 - 1935 MORTELMANS Hugo
1935 - 1936 DE JONGHE Werner
1936 - 1937 DIERICKX Renaat
1937 - 1938 MAERTENS Albert
1938 - 1939 VAN OYE Eugeen
1939 - 1940 DUPUIS Daniël
1940 - 1941 ?
1941 - 1942 ?
1942 - 1943 ?
1943 - 1944 ?
1944 - 1945 SCHOLIERS E.
VAN DENDRIESSCHE L.
1945 - 1946 DELARUELLE F.
1946 - 1947 CLARA R.
1947 - 1948 TRALBAUT Ivo
PELEMAN G.
1948 - 1949 GEENS G.
1949 - 1950 MAU Hendrik
1950 - 1951 DE LAET F.
1951 - 1952 VAN VLAENDEREN Rudi
1952 - 1953 VAN VLAENDEREN R.
1953 - 1954 VAN BRABANT Piet
1954 - 1955 SCHOON Herman
1955 - 1956 VAN HEESTERBEEK Yvan
VAN HOUTTE M.
1956 - 1957 MANNEKENS Georges
1957 - 1958 BOSSIER Dirk
1958 - 1959 DE BOEVER Jaques
1959 - 1960 DE VLIEGHERE Pascal
1960 - 1961 CORNELIS Piet
1961 - 1962 VANKEIRSBILCK Roland
1962 - 1963 DE SCHUTTER Etienne
1963 - 1964 CASTELYNS Wim
1964 - 1965 DE PONTHIÈRE Herman
1965 - 1966 VAN DE CRUYS Siegfried
1966 - 1967 CLOOSEN Ghislain1
1967 - 1968 ROBBROECKX Manu
1968 - 1969 COOLS Maurice
1969 - 1970 DE WILDE Brigitte
1970 - 1971 BELMANS Daniël
1971 - 1972 DUBOIS Guy
1972 - 1973 VANDEPERRE Marc
1973 - 1974 SCHRAEPEN Rosette
1974 - 1975 DESMET Laurette
1975 - 1976 TIMMERMANS Dirk
1976 - 1977 BRUGMANS Erwin
1977 - 1978 TIMMERMANS Jan
1978 - 1979 TOCH Rouby
1979 - 1980 TOCH Rouby
1980 - 1981 DECLERCQ Georges
1981 - 1982 TAYART Luc
1982 - 1983 LANOYE Tom
1983 - 1984 SNOECK Christophe
1984 - 1985 HEIRMAN Claudine
1985 - 1986 SCHILTZ Filip
TESSIER Wim
1986 - 1987 VANDE VEEGAETE Tim
1987 - 1988 MASYN Yvon
1988 - 1989 CROMMAR Naval, DELANGHE Philippe
1989 - 1990 FRANCOIS Philippe
1990 - 1991 DE BRANDT Ian
1991 - 1992 RISPENS Maya
1992 - 1993 VAN THEEMSCHE Achim
1993 - 1994 RISPENS Maya
1994 - 1995 MIELANTS Eric
1995 - 1996 KLIJN Alex
1996 - 1997 DUYCK Mark
1997 - 1998 DUPONT Steven
1998 - 1999 SCHOEPEN Tom
1999 - 2000 DELAERE Robbie, LUYSSAERT Wim
2000 - 2001 CEULEMANS Stijn
2001 - 2002 CEULEMANS Stijn
2002 - 2003 CEULEMANS Stijn
2003 - 2004 DONCQ Enoch
2004 - 2005 DE VLIEGER Eva
2005 - 2006 DE REGT Mieke
2006 - 2007 QUINTELIER Katinka
2007 - 2008 VAN DER VENNET Floris-Tobias
2008 - 2009 DE BRUYCKERE Anna
2009 - 2010 VERMAUT Constantijn
2010 - 2011 LUYCKX Joris
2011 - 2012 LUYCKX Joris
2012 - 2013 CARPELS Tijl
2013 - 2014 GHÉQUIÈRE Gloria
2014 - 2015 DEPREST Pieter-Jan
2015 - 2016 DE JONCKHEERE Heleen
2016 - 2017 DEBEERST Victor
2017 - 2018 VANDERSCHELDEN Koen
2018 - 2019 DEVELTER Hannes


Bronnen